Mpumalanga
Alleen al de namen verraden dat Mpumalanga niet kan worden overgeslagen. De Bridal Veil Falls, de berg met de Three Rondavels lijkt drie van die typische ronde Afrikaanse huizen op zich te dragen, en natuurlijk: God’s Window. Zó indrukwekkend is dit gedeelte van de Drakensberg, en bovenal de route van Graskop naar de 20 kilometer lange Blyde River Canyon.
In de verte in het oosten, op de lagere landen, ligt een van de bekendste delen van Zuid-Afrika, het Krugerpark. Het park, zo groot als de helft van Nederland, is zeker in het zuidelijke gedeelte erg toeristisch, maar dat mag in dit geval geen reden zijn maar iets anders te gaan doen. Tot dusver onder meer geregistreerd: 147 zoogdiersoorten, 507 vogelsoorten en 336 boomsoorten. Het devies: begin de safari vroeg, heel vroeg, haast je niet (dat levert namelijk niets extra’s op), blijf gerust op een mooie plek een uur stil staan.
Limpopo
Het 350 kilometer lange Krugerpark ligt voor een groot deel in Limpopo. Voor de gemiddelde toerist ligt dit behoorlijk uit de route; de vakantie voert immers meestal ook naar het verre Kaapstad, en misschien ook nog wel over de Garden Route langs de Indische Oceaan. Wie de stap extra zet, zal worden beloond. Met meer stilte. En met bijvoorbeeld al vlak bij de ingang van Phalaborwa (een van de dorpen die groot zijn geworden met fosfaat en kopermijnen) magnifi eke vergezichten over de Olifantsrivier.
En olifanten zijn er. Maar de meest noordelijke provincie heeft méér. Oneindig veel bushland, met zijn lage begroeing, de geelgroene vlakten met vee, het unieke biosfeergebied Waterberg (beschermd door de Unesco), en helemaal in het noordelijke puntje het ‘Baobabland’, bij Musina. Een gebied met die enorme bomen, die 4000 jaar oud kunnen worden. Een vergissing van God, volgens de legende, want het lijkt alsof de boom op zijn kop staat, met de wortels boven.
Gauteng
Gauteng is de provincie met een imagoprobleem. Toeristen vinden Johannesburg al snel gevaarlijk en Pretoria (tegenwoordig Tshwane geheten) klinkt saai omdat het een regeringsstad is. Veel open ruimte en natuurschoon is er verder niet. Dat terwijl de steden zo veel meer hebben te bieden dan enkel het O.R Tambo-vliegveld.
Boven aan het lijstje moet het indrukwekkende Apartheidsmuseum staan, aan de Gold Reef Road in het zuiden van Jo’burg. Bij Pretoria is er verder het 40 meter hoge Voortrekker Monument, een granieten herinnering aan de blanke geschiedenis. Een bekend restaurant in de stad is vernoemd naar de ontwerper van het monument, Gerard Moerdijk. Daar is echter de springboktaart belangrijker.
Uitgaan en shoppen kan zeker. In Johannesburg: jazz bij Kippies in Newtown, shoppen op Nelson Mandela Square in Sandton, terrasje pakken op 7th Street in Melville. En dan naar Wandie’s, een populair restaurant met buffet en Zulu-eten – in Soweto!
KwaZulu-Natal
Het subtropische klimaat is in KwaZulu-Natal, tussen het zuiden van de Drakensberg, Lesotho, Swaziland, Zuid-Mozambique en de Indische Oceaan, allesbepalend. Dat betekent: palmbomen en mangrovebos, maar ook 320 dagen per jaar zon en populaire zandstranden en beschutte baaien. Durban is het kloppende hart, met een wereldbefaamde surfcultuur.
Wie de route langs zee volgt, van de Hibiscus en Sunshine Coast tot voorbij de Dolphin Coast (de namen zeggen alles al), komt uit bij de ware juwelen van de provincie. Het Hluhluwe-Imfolozi park: beroemd vanwege de succesvolle Operation Rhino, een reddingsprogramma voor de witte neushoorn (en verder zit overigens de rest van de Big Five daar ook). En iets naar het oosten, in Maputaland, zit het iSimangaliso Wetland Park, voorheen bekend als St. Lucia. In die unieke delta, beschermd door de Unesco, planten honderden nijlpaarden en krokodillen zich voort. Overal een paar ogen boven het spiegelende water, in de verte het roze van duizenden flamingo’s. Verder niets nodig.
Oostkaap
De Oostkaap, alleen al beroemd omdat Nelson Mandela er in 1918 is geboren in het dorp Mvezo, is grillig. Van een wilde kust die ook Wild Coast heet, tot aan glooiende heuvels met lieve huisjes aan de Garden Route.
Het ‘andere’ wildpark zit hier ook, het bekendste na het Kruger: het Addo Elephant National Park, ten noorden van Port Elizabeth. Een savanneachtig gebied van 1640 vierkante kilometer, met niet enkel 450 olifanten en vele andere diersoorten, maar ook het uitgestrekte ‘Duinenveld’ van Alexandria. Ze hebben van die ogenschijnlijke scherpe randen bovenop, gevormd door de wind; aan de ene kant zon, aan de andere kant schaduw. Net als in de woestijn. Behalve dan dat je hier aan die lange, lange kust met wat geluk ook dolfijnen kunt zien.
Westkaap
Misschien voel je nergens zo sterk dat je in Zuid-Afrika bent als in de Westkaap. Omdat Kaapstad lonkt, met die iconische Tafelberg, omdat de ontelbare rijen wijnranken van Stellenbosch, Fransschoek en Paarl hier staan, en omdat we de Kaap-Hollandse architectuur herkennen.
Lieflijk, raar, rauw. Wie vanaf Knysna over de R62 westwaarts rijdt – indrukwekkender dan de zuidelijker gelegen Garden Route – ontmoet tienduizenden struisvogels rond Oudtshoorn, ziet in de Klein Karoo kerktorens tegen een dreigende achtergrond van de Swartberg, drinkt port in Calitzdorp en komt dan uiteindelijk uit bij de immense townships van Kaapstad. Een stad, overigens, die zelf uitkijkt op het noorden. Er zit nog een heel schiereiland tussen de City Bowl, met Long Street en het Waterfront als grootste uitgaans- en shopbestemmingen, en Kaap de Goede Hoop. Dat is onderdeel van een prachtig nationaal park. Locatie voor de ultieme zonsondergang, met uitzicht over twee oceanen.