Spoedcursus Zuid-Afrika

Zuid-Afrika laat niemand onverschillig. Allereerst niet vanwege de geschiedenis, maar zeker ook niet vanwege het landschap en de mensen. Journalist Eric van den Berg vertelt wat er in de verschillende regio’s te zien is en waarom hij er steeds terugkeert.
 
 
 
Wat een contrasten. In alles. Een geweldig land om doorheen te mogen reizen – de hele wereld heeft het tijdens het WK Voetbal kunnen zien. Het is ook veilig, zolang je geen rare dingen doet of de toerist gaat uithangen op plaatsen waar de locals zelf al liever niet komen. Huur een auto om rond te reizen of voor een safari. Koop die souvenirs eens niet in de grote shoppingmall, maar laat een gids je meenemen naar een township en koop daar bij de maker zelf. Rijd langs twee oceanen, maak een braai op het strand, ga uit op Long Street in Kaapstad.
Of anders, kijk gewoon. Zie het intense groen van de Klein Karoo, het matzwart van de rotsen in de Groot Karoo. Kijk uit op de Drakensbergen, of klim erop en werp een blik naar beneden. Dan weet je waarom ze die ene plek, daar vlakbij het Krugerpark, het Raam van God hebben genoemd.
Noordkaap 
Wie van Johannesburg richting Kaapstad rijdt, bijvoorbeeld over de N1 of de N12, ziet vooral veel leegte. Dorpjes en steden zijn oases in deze enorme semiwoestijn van de Centrale en Groot Karoo. Bergen in de verte lijken nooit dichterbij te komen, en die wolken – die hángen daar maar.
De Noordkaap is een provincie voor mijmeringen. Over droogte, over de gemsbokken die je plots aan de kant van de weg ziet, over de Tweede Boerenoorlog die zich eind negentiende eeuw hier heeft voltrokken. En over die bomen die je steeds ziet, een soort knotwilgen die 300 jaar oud kunnen worden. Het zijn kokerbomen, die zo heten omdat de Bosjesmannen (de San) van de holle takken al eeuwenlang pijlkokers maken.
Over leegte gesproken: de hoofdstad Kimberley heeft als grootste attractie Het Grote Gat, de erfenis van de hoogtijdagen van de diamantindrustrie. Ruim 22 miljoen ton grond is hier weggehaald – er zat 2700 kilo aan diamanten in. Nu resteert een gat van 214 meter diep, 1,6 kilometer breed.
Mpumalanga 
Alleen al de namen verraden dat Mpumalanga niet kan worden overgeslagen. De Bridal Veil Falls, de berg met de Three Rondavels lijkt drie van die typische ronde Afrikaanse huizen op zich te dragen, en natuurlijk: God’s Window. Zó indrukwekkend is dit gedeelte van de Drakensberg, en bovenal de route van Graskop naar de 20 kilometer lange Blyde River Canyon.
In de verte in het oosten, op de lagere landen, ligt een van de bekendste delen van Zuid-Afrika, het Krugerpark. Het park, zo groot als de helft van Nederland, is zeker in het zuidelijke gedeelte erg toeristisch, maar dat mag in dit geval geen reden zijn maar iets anders te gaan doen. Tot dusver onder meer geregistreerd: 147 zoogdiersoorten, 507 vogelsoorten en 336 boomsoorten. Het devies: begin de safari vroeg, heel vroeg, haast je niet (dat levert namelijk niets extra’s op), blijf gerust op een mooie plek een uur stil staan.
Limpopo 
Het 350 kilometer lange Krugerpark ligt voor een groot deel in Limpopo. Voor de gemiddelde toerist ligt dit behoorlijk uit de route; de vakantie voert immers meestal ook naar het verre Kaapstad, en misschien ook nog wel over de Garden Route langs de Indische Oceaan. Wie de stap extra zet, zal worden beloond. Met meer stilte. En met bijvoorbeeld al vlak bij de ingang van Phalaborwa (een van de dorpen die groot zijn geworden met fosfaat en kopermijnen) magnifi eke vergezichten over de Olifantsrivier.
En olifanten zijn er. Maar de meest noordelijke provincie heeft méér. Oneindig veel bushland, met zijn lage begroeing, de geelgroene vlakten met vee, het unieke biosfeergebied Waterberg (beschermd door de Unesco), en helemaal in het noordelijke puntje het ‘Baobabland’, bij Musina. Een gebied met die enorme bomen, die 4000 jaar oud kunnen worden. Een vergissing van God, volgens de legende, want het lijkt alsof de boom op zijn kop staat, met de wortels boven.
Gauteng 
Gauteng is de provincie met een imagoprobleem. Toeristen vinden Johannesburg al snel gevaarlijk en Pretoria (tegenwoordig Tshwane geheten) klinkt saai omdat het een regeringsstad is. Veel open ruimte en natuurschoon is er verder niet. Dat terwijl de steden zo veel meer hebben te bieden dan enkel het O.R Tambo-vliegveld.
Boven aan het lijstje moet het indrukwekkende Apartheidsmuseum staan, aan de Gold Reef Road in het zuiden van Jo’burg. Bij Pretoria is er verder het 40 meter hoge Voortrekker Monument, een granieten herinnering aan de blanke geschiedenis. Een bekend restaurant in de stad is vernoemd naar de ontwerper van het monument, Gerard Moerdijk. Daar is echter de springboktaart belangrijker.
Uitgaan en shoppen kan zeker. In Johannesburg: jazz bij Kippies in Newtown, shoppen op Nelson Mandela Square in Sandton, terrasje pakken op 7th Street in Melville. En dan naar Wandie’s, een populair restaurant met buffet en Zulu-eten – in Soweto!
KwaZulu-Natal 
Het subtropische klimaat is in KwaZulu-Natal, tussen het zuiden van de Drakensberg, Lesotho, Swaziland, Zuid-Mozambique en de Indische Oceaan, allesbepalend. Dat betekent: palmbomen en mangrovebos, maar ook 320 dagen per jaar zon en populaire zandstranden en beschutte baaien. Durban is het kloppende hart, met een wereldbefaamde surfcultuur.
Wie de route langs zee volgt, van de Hibiscus en Sunshine Coast tot voorbij de Dolphin Coast (de namen zeggen alles al), komt uit bij de ware juwelen van de provincie. Het Hluhluwe-Imfolozi park: beroemd vanwege de succesvolle Operation Rhino, een reddingsprogramma voor de witte neushoorn (en verder zit overigens de rest van de Big Five daar ook). En iets naar het oosten, in Maputaland, zit het iSimangaliso Wetland Park, voorheen bekend als St. Lucia. In die unieke delta, beschermd door de Unesco, planten honderden nijlpaarden en krokodillen zich voort. Overal een paar ogen boven het spiegelende water, in de verte het roze van duizenden flamingo’s. Verder niets nodig.
Oostkaap 
De Oostkaap, alleen al beroemd omdat Nelson Mandela er in 1918 is geboren in het dorp Mvezo, is grillig. Van een wilde kust die ook Wild Coast heet, tot aan glooiende heuvels met lieve huisjes aan de Garden Route.
Het ‘andere’ wildpark zit hier ook, het bekendste na het Kruger: het Addo Elephant National Park, ten noorden van Port Elizabeth. Een savanneachtig gebied van 1640 vierkante kilometer, met niet enkel 450 olifanten en vele andere diersoorten, maar ook het uitgestrekte ‘Duinenveld’ van Alexandria. Ze hebben van die ogenschijnlijke scherpe randen bovenop, gevormd door de wind; aan de ene kant zon, aan de andere kant schaduw. Net als in de woestijn. Behalve dan dat je hier aan die lange, lange kust met wat geluk ook dolfijnen kunt zien.
Westkaap 
Misschien voel je nergens zo sterk dat je in Zuid-Afrika bent als in de Westkaap. Omdat Kaapstad lonkt, met die iconische Tafelberg, omdat de ontelbare rijen wijnranken van Stellenbosch, Fransschoek en Paarl hier staan, en omdat we de Kaap-Hollandse architectuur herkennen.
Lieflijk, raar, rauw. Wie vanaf Knysna over de R62 westwaarts rijdt – indrukwekkender dan de zuidelijker gelegen Garden Route – ontmoet tienduizenden struisvogels rond Oudtshoorn, ziet in de Klein Karoo kerktorens tegen een dreigende achtergrond van de Swartberg, drinkt port in Calitzdorp en komt dan uiteindelijk uit bij de immense townships van Kaapstad. Een stad, overigens, die zelf uitkijkt op het noorden. Er zit nog een heel schiereiland tussen de City Bowl, met Long Street en het Waterfront als grootste uitgaans- en shopbestemmingen, en Kaap de Goede Hoop. Dat is onderdeel van een prachtig nationaal park. Locatie voor de ultieme zonsondergang, met uitzicht over twee oceanen.

of bekijk deze eens...

‘Ik ben vóór de schoonheid’

Interview met rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol voor het blad ‘Fact’ van Deloitte. Over het ‘beeldschone’ Nederlandse landschap.

Het nieuwe oud worden

Artikel voor het magazine ‘Seriously’ van private banker Theodoor Gilissen (nu Insinger Gilissen). Wat zijn de opties voor zijn welgestelde, ouder wordende cliënten?

Microcomputer in je bovenarm

Interview voor het blad ‘Fact’ van accountants- en advieskantoor Deloitte. Melanie Rieback, universitair docent Informatica aan de Vrije Universiteit in Amsterdam,over de privacygevoeligheid van RFID-chips.